
Hinthamereinde
Feiten rondom het Hinthamereinde
- Het Hinthamereinde is een historische straat in de binnenstad van ’s-Hertogenbosch.
- De straatnaam Hinthamereinde kwam vanaf ongeveer 1371 in gebruik.
- Het Hinthamereinde begon oorspronkelijk al bij de Geerlingsebrug, over de Binnendieze, ook wel de Groote Stroom genoemd.
- De straat vormde de verbinding in de richting van Hintham, Rosmalen en Grave.
- De weg buiten de stad stond bekend als de Hinthamersteenweg, de latere Graafseweg.
- Het Hinthamereinde maakte deel uit van een van de negen armenblokken van de stad, waarvan de ontwikkeling wordt gedateerd tussen 1370 en 1477.
Historische benamingen
De straat komt in verschillende perioden onder verschillende namen voor:
- 1645: Hintemer Endt – kaart van L. Covens en C. Mortier.
- 1866: Hinthamereind – kaart van J. Kuijper.
- 1890: Hinthamereind – kaart van Jos van Hagens.
- 1901: Het Hinthamer Eind – adresboek van ’s-Hertogenbosch.
- 1909: Hinthameruitgang – huisnummeromnummering.
- 1909: Hinthamerstraat – raadsbesluit van 19 augustus.
- 1910: Hinthamereinde – straatnamenlijst 1910-1911.
- 1928: Hinthamereinde – adresboek van ’s-Hertogenbosch.
Het 'Gek Eind'
- Het Hinthamereinde werd door Bosschenaren ook 'het Gek Eind' genoemd.
- De bijnaam hield verband met het Zinnelooshuis van Reinier van Arkel.
- Reinier van Arkel richtte in 1442 een huis op voor zes zinlozen.
- De instelling vormde de oorsprong van de huidige Reinier van Arkel Groep.
- De instelling behoort tot de oudste psychiatrische instellingen van Nederland.
- Het Hinthamereinde was daarnaast historisch een deftige woonbuurt.
- Er woonden onder meer fabrikanten, bankiers en groothandelaren in koloniale waren.
- Deze groothandelaren werden door Bosschenaren aangeduid als de 'Hintemmerendse grossiers'.
De Geerlingsebrug
- De Geerlingsebrug ligt over de Binnendieze, ter hoogte van de Hinthamerstraat en het begin van het Hinthamereinde.
- De brug is genoemd naar Geerlingh van de Bossche.
- Uit zijn nalatenschap werd in 1359 geld en grond geschonken aan het nabijgelegen Clarissenklooster.
- Een van de goederen die de Clarissen erfden was een kasteel van de jonker, op de plaats waar later het Inloopschip gevestigd was.
- De eerste schriftelijke vermelding van een houten brug op deze plaats dateert uit 1333, volgens de Kroniek van Molius.
- In 1453 werd de Geerlingsebrug verbreed.
- In 1949 bleek de oude gemetselde boogbrug zo bouwvallig dat een zware houten stempelconstructie onder de brug werd aangebracht.
- Bij de restauratie van de Binnendieze werd deze constructie in 1974 vervangen door een betonnen koker.
- In 1997 werd de brug verfraaid door aan beide zijden van de betonnen koker opnieuw togen te metselen.
Het Hinthamereinde en de Binnendieze
- Voordat de Zuid-Willemsvaart werd aangelegd, begon het Hinthamereinde bij de Geerlingsebrug.
- De brug lag over een tak van de Binnendieze, de Groote Stroom.
- Een andere brug die vroeger verbinding gaf tussen de Hinthamerstraat en het Hinthamereinde was de Zwengelbrug, ook wel Zwijmelbrug genoemd.
- Deze brug was oorspronkelijk van hout.
- In 1447 werd zij vervangen door een stenen brug.
- De Zwengel- of Zwijmelbrug had aanvankelijk slechts de halve breedte van de Hinthamerstraat.
- In 1764 werd de brug verbreed omdat de geringe breedte een probleem vormde voor het verkeer.
- Bij de aanleg van de Zuid-Willemsvaart werd de brug in 1826 gesloopt en vervangen door een bascule-ophaalbrug.
De Kleine Hekel en de Zuid-Willemsvaart
- Aan het Hinthamereinde bevond zich de Kleine Hekel, een waterpoort.
- De Kleine Hekel wordt al in 1399 genoemd.
- Door deze waterpoort stroomde oorspronkelijk de Aa de stad binnen.
- De Kleine Hekel lag ongeveer ter hoogte van het huidige Sluis 0.
- Bij de aanleg van de Zuid-Willemsvaart verdween de Kleine Hekel.
- De Zuid-Willemsvaart werd aangelegd tussen 1822 en 1826.
- Het kanaal werd dwars door voormalige beemden, akkers, tuinen en boomgaarden aangelegd.
- Daarbij werden onder meer gronden van het Fraterhuis Sint-Gregorius, de Zusters van Orthen, de Predikheren en de Augustinessen doorsneden.
- De aanleg van het kanaal veranderde de oorspronkelijke verbinding tussen de Hinthamerstraat en het Hinthamereinde ingrijpend.
De Pijnappelsche Poort
- Het Hinthamereinde kende in de middeleeuwen de Pijnappelsche Poort.
- De poort bevond zich ongeveer ter hoogte van de huidige Hofstad en het Sint-Andriesstraatje.
- De poort dateert uit de periode van de tweede stadsomwalling, in de eerste helft van de 14e eeuw.
- De Pijnappelsche Poort lag aan de belangrijke route richting Hintham, Rosmalen en Grave.
- Archeologisch onderzoek in oktober 1995 bracht de plattegrond van de poort aan het licht.
- De poort had een rechthoekige plattegrond met een onderdoorgang.
- Daarmee verschilde zij van oudere Bossche stadspoorten met hoefijzervormige torens.
- Tijdens de laatste middeleeuwse stadsuitbreiding, aan het begin van de 16e eeuw, werd het Hinthamereinde volledig binnen de vesting opgenomen.
- Er werd toen een nieuwe Hinthamerpoort gebouwd.
- De oude Pijnappelsche Poort bleef echter als tweede verdedigingslinie bestaan.
- De poort werd later aangeduid als de Hinthamer Binnenpoort.
- De Pijnappelsche Poort werd in 1723 wegens bouwvalligheid gesloopt.
- De bijbehorende gracht was toen nog aanwezig en werd kort na de sloop met straatvuil gedempt.
De Hinthamerpoort
- Bij de laatste middeleeuwse stadsuitbreiding werd een nieuwe Hinthamerpoort gebouwd.
- De poort lag aan de Hinthameruitgang, ongeveer ter hoogte van de huidige Watertoren.
- Vanaf de poort liep de Hinthamersteenweg richting Hintham.
- Archeologisch onderzoek in september 1995 bracht hier een zeer zware muur aan het licht.
- De muur lag ongeveer ter hoogte van de huidige Aastraat/Muntelstraat.
- De muur kon over een lengte van ongeveer 16 meter worden gevolgd.
- Aan de westzijde bevonden zich enkele steunberen.
- Op grond van baksteenformaten en gevonden scherven werd de muur gedateerd in de eerste helft van de 17e eeuw.
- In 1632 was de oorspronkelijke poort vervangen door een versterkte doorgang door de wal.
- De wal zelf was al aangelegd tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621).
- De aangetroffen muur wordt waarschijnlijk geïnterpreteerd als de zijmuur van deze stenen doorgang.
- De poort en de stadswal werden aan het einde van de 19e eeuw gesloopt.
De stadsbrand van 1419
- Op 30 april 1419 brak een grote stadsbrand uit aan het Hinthamereinde.
- De brand ontstond waarschijnlijk in het huis De Valk.
- Een groot deel van het Hinthamereinde en de Hinthamerstraat brandde af.
- Ook een zijde van de Markt werd door de brand getroffen.
- Onder meer het Geefhuis, het Predikherenklooster en het Ziekengasthuis werden vernield of zwaar beschadigd.
- Volgens de kroniek kwamen bij de brand 112 mensen om het leven.
Het Kolveniers- of Cloveniersgilde
- Op de plaats van het huidige Hinthamereinde 1 stond in de 16e eeuw een groot gebouw van het Kolveniers- of Cloveniersgilde.
- Het gebouw beschikte over een schietbaan.
- De kolveniers vormden het jongste van de vier schuttersgilden die de stad verdedigden.
- Zij waren naast zwaard en spies bewapend met een zeng- of schietbus, een vroeg type vuurwapen.
- Dit wapen werd ook kolfbus of klover genoemd.
- Aan deze wapens ontleende het gilde zijn naam.
Zijstraatjes en stegen
Het Hinthamereinde kende een groot aantal kleine zijstraatjes en stegen.
- Sint-Andriesstraatje
- St. Teunisgangske
- Achter de Groene Jeger
- Achter den Bijenkorf
- Hofstad
- Diepstraat
- Windmolenbergstraat
- Sint-Jacobstraat
- Sint-Jacobskerkhof
- Kleine Hekel
- Sint-Antoniestraat
- Voorstraat
Niet alle stegen waren openbaar of hadden een officiële naam.
- Het Sint-Andriesstraatje bestaat nog en is toegankelijk.
- Het St. Teunisgangske lag tussen de huisnummers 11 en 13 en is afgesloten.
- Achter de Groene Jeger lag tussen de nummers 64a en 66 en is afgesloten.
- Achter den Bijenkorf lag bij de nummers 35 en 37 en is eveneens afgesloten.
- Sommige zijstraatjes ontleenden hun naam aan een heilige; andere aan een huis.
Bewoning en bedrijvigheid
Het Hinthamereinde was zowel woon- als werkgebied.
Uit de historische adresgegevens blijkt een grote variatie aan beroepen en bedrijven:
- winkeliers;
- scheepsbevrachters;
- loodgieters;
- letterzetters;
- kappers;
- smeden;
- ijzergieters;
- kruideniers;
- bakkers;
- slagers;
- schoenmakers;
- timmerlieden;
- touwslagers;
- schilders;
- goud- en zilversmeden;
- passementwerkers;
- wagenmakers;
- kaarsenfabrikanten;
- sigarenmakers;
- textielbedrijven;
- limonadefabrikanten;
- meubel- en lijstenbedrijven.
De adresgegevens laten daarmee zien dat het Hinthamereinde in de 19e en eerste helft van de 20e eeuw een gemengde woon-, winkel- en ambachtsstraat was.
Fabrieken en industrie
- Aan het Hinthamereinde waren verschillende ambachtelijke en industriële bedrijven gevestigd.
- Aan het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw bevonden zich er onder meer ijzergieterijen, metaalbedrijven, textielindustrie, passementfabrieken en kaarsenfabrieken.
- De firma Hirdes & Zonen had aan het Hinthamereinde meerdere panden in gebruik voor een passementfabriek.
- In 1910 werd deze onderneming vermeld als de N.V. ’s-Hertogenbossche Stoompassementfabriek voorheen Hirdes en Zoon.
- In 1943 wordt het bedrijf aangeduid als N.V. Hirdes & Zn., textielindustrie.
- Aan Hinthamereinde 53 was de onderneming van Van den Eerenbeemt gevestigd, gespecialiseerd in was- en kerkwaskaarsen.
- Deze onderneming was in 1943 en 1960 nog als waskaarsenfabriek geregistreerd.
De bebouwing
- De historische bebouwing bestond uit een combinatie van grotere huizen en kleinere woningen en bedrijfsruimten.
- De straat kende veel steegjes en achtererven.
- De historische perceelstructuur is in de adres- en huisnummergegevens terug te vinden.
- De huisnummering veranderde in 1909 ingrijpend.
- In 1909 waren de huisnummers verdeeld als rechts 1-65 en links 2-102.
- In 1995 was de nummering rechts 1-73 en links 2-102.
- In 2004 werden de nummers 1-73 en 2-98 in de postcode-indeling gebruikt.
Hinthamereinde 1
- Op de plaats van Hinthamereinde 1 stond in de 16e eeuw het gebouw en de schietbaan van het Kolveniers- of Cloveniersgilde.
- In de historische adresgegevens staat het pand in het begin van de 20e eeuw onder meer als woning van arts dr. J.M.W. Kramer geregistreerd.
- In 1943 waren er onder meer een slagersknecht, caféhouder en verzekeringsagent gevestigd.
- In 1952 werd het pand als winkelpand van De Gruyter vermeld.
Hinthamereinde en de kelders
- Onder de panden aan het Hinthamereinde bevinden zich historische kelders.
- In 2003 stelde het college vragen van het Bosch Keldergenootschap over het behoud van deze kelders aan de orde.
- De eigenaar gaf aan dat handhaving van de kelders technisch niet mogelijk was.
Hinthamereinde in de 19e en 20e eeuw
- Het Hinthamereinde bleef ook na het verdwijnen van de vestingwerken een belangrijke stedelijke straat.
- De omgeving veranderde sterk door de aanleg van de Zuid-Willemsvaart, de sloop van de oude vestingwerken en de ontwikkeling van nieuwe infrastructuur.
- De historische straat ontwikkelde zich tot een gemengd gebied van wonen, ambachten, winkels, horeca en industrie.
- De historische adresgegevens laten zien dat veel bedrijfjes kleinschalig waren en direct vanuit de woningen werden uitgeoefend.
Belangrijkste historische jaartallen
- 1333: eerste schriftelijke vermelding van een houten brug op de plaats van de latere Geerlingsebrug.
- ca. 1371: Hinthamerstraat en Hinthamereinde komen als straatnamen in gebruik.
- 1399: de Kleine Hekel wordt in de stadsrekeningen vermeld.
- 1419: grote stadsbrand, ontstaan waarschijnlijk aan het Hinthamereinde.
- 1442: Reinier van Arkel richt het huis voor zes zinlozen op.
- 1447: de houten Zwengel- of Zwijmelbrug wordt vervangen door een stenen brug.
- 1453: de Geerlingsebrug wordt verbreed.
- 16e eeuw: het Kolveniers- of Cloveniersgilde beschikt over een gebouw en schietbaan aan het Hinthamereinde.
- 1599: de laatste middeleeuwse stadsuitbreiding brengt het Hinthamereinde volledig binnen de vesting.
- 1632: de oorspronkelijke Hinthamerpoort wordt vervangen door een versterkte doorgang door de wal.
- 1723: de Pijnappelsche Poort wordt wegens bouwvalligheid gesloopt.
- 1764: de Zwengelbrug wordt verbreed.
- 1822-1826: aanleg van de Zuid-Willemsvaart.
- 1826: de oude brug over de verbinding wordt vervangen door een bascule-ophaalbrug.
- 1895: archeologisch onderzoek naar de Hinthamerpoort.
- 1909: nieuwe huisnummering van het Hinthamereinde.
- 1949: de Geerlingsebrug blijkt bouwvallig.
- 1974: houten ondersteuning onder de Geerlingsebrug wordt vervangen door een betonnen koker.
- 1995: archeologisch onderzoek naar de Hinthamerpoort.
- 1997: de Geerlingsebrug wordt met gemetselde togen verfraaid.
- 2003: discussie over het behoud van historische kelders onder het Hinthamereinde.
Bronnen
- Bossche Encyclopedie – Hinthamereinde
- Ed Hupkens, “Het Gek Eind”, Stadsblad, 16 april 2008.
- Ed Hupkens, “Hinthamereinde”, Stadsblad, 23 april 2008.
- Ed Hupkens, “Al eeuwen in gebruik”, Stadsblad, 3 juli 2013.
- J. van Sasse van Ysselt, De voorname Huizen en Gebouwen van ’s-Hertogenbosch III (1910), p. 80-81.
- R. van Genabeek & E. Nijhof, “Stadspoorten Hinthamereinde”, ’s-Hertogenbosch 1 (1996), p. 24-26.
- Stadsrekeningen 1517-1518, deel 1, p. 333.
Opmerking: ik heb hier bewust de informatie uit de Bossche Encyclopedie als uitgangspunt genomen en niet
Afbeelding achtergrond: Erfgoed 's-Hertogenbosch, Fotograaf: Agtmaal, Johannes Gerardus, THA (0001978)
"Zo kom je nog eens iets te weten!"
E. van Noorden